Home

Geschiedenis

Loverendale sinds 1926

Inspiratie

Marie Tak van Poortvliet

Maria Tak van Poortvliet (1871-1936)

Het volgende initiatief op het gebied van de biologisch-dynamische landbouw is Loverendale. Maria Tak van Poortvliet, lid van de Antroposofische Vereniging, is vooral erg geïnteresseerd in de Driegeledingsbeweging en zij vertaalt het boekje Die Kernpunkte der sozialen Frage van Rudolf Steiner. De kern van deze Driegeleding is een herwaardering van de drie pijlers van onze cultuur:

het geestelijk leven, het rechtsleven en het economische leven.

Mondriaan

Willem Zeylmans van Emmichhoven

Willem Zeylmans van Emmichhoven (1893-1961)

Maria is goed bevriend met de schilderes Jacoba van Heemskerck, die vaak bij haar logeert in het huis Loverendale bij Domburg op Walcheren. Ook andere moderne jonge schilders, onder wie Piet Mondriaan, komen daar vaak op bezoek. De student medicijnen Willem Zeylmans van Emmichoven, die zich zeer interesseert voor de moderne schilderkunst, is vaak haar gast. Zo komt hij in aanraking met de antroposofie. Later zal hij jarenlang voorzitter zijn van de Antroposofische Vereniging in Nederland.

Vruchtbare landbouw

Ehrenfried Pfeifer (1899-1961)

Maria Tak van Poortvliet hoort in Dornach (Zw.) een lezing over de biologisch-dynamische landbouw door Ehrenfried Pfeiffer, die aanwezig was bij het maken en roeren van de allereerste preparaten volgens Steiners aanwijzingen. De voordrachten die Rudolf Steiner, tegen het eind van zijn leven voor boeren houdt over een nieuwe benadering van de landbouw, worden bekend als De Landbouwcursus van Rudolf Steiner. De titel van het Nederlandstalige boek is Vruchtbare landbouw op biologisch-dynamische grondslag.

Maria Tak van Poortvliet, die in Zeeland verscheidene boerenbedrijven bezit, heeft de wens om op deze bedrijven de nieuwe landbouwmethode toe te passen. Haar pachters hebben daar echter niet veel oren naar en zo kan zij de nieuwe methode pas invoeren als een bedrijf uit de pacht komt. Zij vraagt Pfeiffer om de leiding op zich te nemen bij deze omschakeling en biedt hem daarbij gelegenheid om zijn onderzoek op dit gebied voort te zetten. Op 8 september 1926 wordt de Cultuurmaatschappij Loverendale NV opgericht door haarzelf, Willem Zeylmans van Emmichoven en Ehrenfried Pfeiffer.

Voorbeeldbedrijf

Deze cultuurmaatschappij bezit om te beginnen het huis Loverendale met wat grond. Vrij snel wordt de Jacobahoeve met 3 ha grond daaraan toegevoegd, waar een klein laboratorium voor het wetenschappelijke onderzoekswerk van Pfeiffer wordt gebouwd. Hij werkt daar aan de ontwikkeling van onderzoeksmethoden over de werking van de preparaten. De verbouw van suikerbieten, haver, gerst en tarwe levert zeer matige resultaten op. Er zijn meerdere enthousiaste en onervaren medewerkers toegestroomd naar dit nieuwe initiatief dat in menselijk-sociale problemen terecht komt. In 1927 krijgen de heer en mevrouw Binder, stiefvader en moeder van Ehrenfried Pfeiffer, de leiding van het praktische werk op het bedrijf. De onervaren medewerkers vertrekken en in 1928 schrijft Pfeiffer in zijn verslag: Nu kunnen wij de toekomst met vertrouwen tegemoet zien en wij hopen dat de Jacobahoeve een voorbeeldbedrijf wordt.

In de volgende jaren worden steeds meer bedrijven uit het bezit van Maria Tak van Poortvliet aan Loverendale toegevoegd.
Dat bestaat op Walcheren in 1932 uit:

het huis Loverendale.

de Jacobahoeve

Hof Ter Linde 57 ha

Hof Ter Mee 15 ha

Hof Nieuwerkerk 74 ha

de Pannehoeve in Dinteloord, Noord-Brabant

Ploegen met paard

De tweede knecht ploegt een groenbemestingsgewas onder met een wentelploeg getrokken door een driespan (1935)

Crisis

In de crisistijd zakken de prijzen voor de producten en de boeren hebben het financieel moeilijk. Op de Jacobahoeve probeert de heer Binder door het houden van kippen en het fokken van Chinchilla-konijnen de inkomsten te verbeteren.

De tuinderij

In 1930 wordt een grote tuinderij van 6 ha gestart op Ter Linde. Er verrijst een tomatenwarenhuis van 1200 m2 en twee verwarmde komkommerkassen van ieder 40 m lengte. Onder de vakbekwame leiding van Marinus Steyn is dit voortvarende groentebedrijf vanaf het begin een succes. Hij is een jonge Zeeuwse tuinder die heel veel voor Loverendale zal betekenen, vooral ook in latere jaren en tijdens de overstroming in de oorlog. De producten worden geveild op de groenteveiling in Middelburg, waar zij een goede naam krijgen. Drie komkommerkassen en een druivenkas worden er nog bij gebouwd.

Hof Ter Linde

In 1930 kan het bedrijf Ter Linde in eigen beheer worden genomen. Hier wonen nu de heer en mevrouw Binder en er ontstaat een levendige samenwerking met jonge, enthousiaste medewerkers, sommigen van Duitse afkomst. Voor het gewone landwerk blijven enkele vaste boerenarbeiders in dienst. Er wordt een bakkerij opgezet en ook een yoghurtkeuken omdat de afzet aan gemotiveerde consumenten, samen met de producten uit de tuinderij, betere opbrengsten geeft. Iedere week rijdt een eigen vrachtwagen met de producten naar Den Haag en andere steden waar een klein distributienet is opgezet. Ook de eerste Reformwinkels verkopen deze producten.

Periode Stein

Marinus Steyn (met strohoed) met zijn vrouw en tuinmedewerkers

Loverendale nieuws

Er wordt zelfs een eigen tijdschrift uitgegeven, het Loverendale Nieuws met artikelen van Pfeiffer over de biologisch-dynamische landbouw en over voeding. Ook worden er cursussen voor huisvrouwen georganiseerd.

De eigen verwerking en verkoop laat een hechte band met geïnteresseerde consumenten ontstaan en heeft tevens het overleven van Loverendale gedurende de crisisjaren mogelijk gemaakt. Toch moeten de Jacobahoeve en Hof Nieuwerkerke verkocht worden. Maria Tak van Poortvliet, die voortdurend financiële steun geeft, schenkt tenslotte haar hele vermogen aan Loverendale en de biologisch-dynamische landbouw. Zij sterft op 8 juli 1936. Pfeiffer, die met zijn gezin op het huis Loverendale woont, heeft in die jaren veel onderzoek gedaan aan preparaten en bemesting en daarover ook gepubliceerd. Daarnaast is hij nog werkzaam in Dornach.

Eerste vrachtwagen

Eerste vrachtwagen

De eerste vrachtwagen van Loverendale, die wekelijks naar Den Haag reed voor de consumentenkringen

Onderzoek

Op Hof Ter Mee, vlak bij Ter Linde werkt Martha Künzel, die als assistente van Pfeiffer zijn proefveldjes verzorgt, onder meer voor het tarwe-onderzoek om nieuwe rassen te ontwikkelen. Daar op Ter Mee maakt zij de preparaten en kweekt ze kruiden, die worden gedroogd en verkocht om het onderzoek financieel te ondersteunen.

Amerika

In toenemende mate reist Pfeiffer door Europa om de biologisch-dynamische landbouw bekend te maken. Zijn taken worden door Hans Heinze overgenomen, eerst in 1935 als procuratiehouder en in 1936 als directeur. Pfeiffer vertrekt naar Amerika om daar het onderzoek en de ontwikkeling van de biologisch-dynamische landbouw voort te zetten. Hij wordt lid van de raad van commissarissen van Loverendale. Ook de heer en mevrouw Binder vertrekken.

Gezond

Hans Heinze staat voor de taak om de cultuurmaatschappij financieel weer gezond te maken. Het huis Loverendale wordt verkocht en medewerkers, die niet direct aan de productie of verwerking deelnemen, verlaten het bedrijf. Nu bestaat de Cultuurmaatschappij Loverendale nog uit: Ter Linde (57 ha, waarvan 6 ha tuinderij), Ter Mee (15 ha), de Pannehoeve (53 ha), de bakkerij met broodverkoop en de zuivelverwerking.

De oorlog en de overstroming

In 1940 trekt het Duitse leger ons land binnen en dat heeft onder meer tot gevolg dat Hans Heinze als Duitse reserve-marine-officier onder dienst wordt geroepen. Hij wordt aangesteld als Ortskommandant van Vlissingen en kan tegelijkertijd directeur van Loverendale blijven. Geen eenvoudige opgave, maar hij kwijt zich op bewonderenswaardige wijze van deze dubbele taak. Terecht wordt hij na de oorlog door de Zeeuwen geprezen om zijn houding tegenover de Zeeuwse bevolking.

Overstroming

In oktober 1944 wordt de dijk bij Westkapelle gebombardeerd door de geallieerden en stroomt een groot deel van Walcheren onder het zeewater. Heinze moet terugtrekken met het Duitse leger en op Loverendale neemt Marinus Steyn het heft in handen.

Met een bootje kunnen de meest noodzakelijke werkzaamheden worden verricht. Het glas van de kassen wordt tijdens verschillende stormen volledig kapot geslagen, de kasgeraamten verroesten, de bomen en hagen gaan dood. Het vee wordt grotendeels geëvacueerd naar Zuid- Beveland.

Kassen aan de Lepelstraat

Kassen aan de Lepelstraat

Wederopbouw

Na de oorlog komt de leiding van het bedrijf in handen van jonge Nederlanders met een grote inzet voor de biologisch-dynamische landbouw. Twee jaar is Han Reder directeur, weldra opgevolgd door Pim Clotscher. Zijn grootste zorg is de structuur van de grond. In Zeeland wordt gips gestrooid tegen het effect van het zoute zeewater, dat veel kwaad doet aan de bodemstructuur. Een bijkomend probleem is de sterk verkleinde veestapel en de verschillende veeziekten. Die komen mee met het rundvee, dat andere boeren in Nederland via een rijksregeling aan de gedupeerde boeren in Zeeland afstaan. De mestvoorziening is daardoor jarenlang te krap. Loverendale-brood

Geld voor noodzakelijke investeringen in het landbouwbedrijf is er niet. Door echter de bakkerij en eigen maalderij te vergroten en te vernieuwen kan de broodverkoop flink worden uitgebreid en door het gehele land plaatsvinden. De broden worden per trein vervoerd tot in Leeuwarden en Maastricht. Het is zelfs na een aantal jaren nodig om met andere boeren in de omtrek contracten af te sluiten. Zij verbouwen dan voor Loverendale tarwe zonder kunstmest, bijvoorbeeld na een lucerneteelt, omdat dit vlinderbloemige gewas zorgt voor een natuurlijke bemesting van de bodem. Dat leverde dan biologisch Loverendale-brood op.

Herverkaveling

In de jaren ’50 wordt een ingrijpende herverkaveling doorgevoerd waarbij sloten en wegen worden rechtgetrokken. Ook moeten de paarden gaandeweg plaats maken voor tractoren. Omdat dit wordt gezien als niet passend in een BD-bedrijf is het voor de hele bedrijfsvoering en ook voor de arbeiders een grote omschakeling, die met tegenzin wordt voltrokken.

Graanoogst met de combine

Graanoogst met de combine

In 1949 wordt Jan van Dis bedrijfsleider op Ter Linde en hij blijft dat tot 1985, het jaar waarin hij na een feestelijke afsluiting met pensioen gaat.

De tuinder Ludolf Schortinghuis komt in 1954 naar Loverendale, speciaal om de zorg voor de preparaten op zich te nemen. Op Ter Linde worden in die tijd de preparaten voor alle BD-bedrijven gemaakt en van daaruit op bestelling verstuurd.

In 1958 wordt Clotscher opgevolgd door Marinus Steyn, die het bedrijf in al zijn facetten door en door kent. De tuinderij, voor de oorlog onder zijn leiding, is niet meer opgebouwd. In plaats daarvan plant hij een boomgaard op het bedrijf Ter Mee.

Een te kleine veestapel, te weinig stalruimte en onvoldoende bodemvruchtbaarheid, ziedaar de problemen uit die tijd.

De Pannehoeve in Dinteloord, met de heer Kooistra als bedrijfsleider, blijft al die jaren als onderdeel van Loverendale functioneren. Na de pensionering van de heer Steyn in 1967 neemt Matthias Guépin, met zijn vrouw Wilfriede, de leiding van het bedrijf over.

Langzaam sluipt de gewoonte op het bedrijf in om bij onvoldoende groei van de gewassen een beetje te helpen met wat stikstofkunstmest. Matthias Guépin probeert om deze kunstmestgift te vervangen door aangekochte kippenmest. Dat beantwoordt wel aan de wens om alleen dierlijke, organische mest te gebruiken en tevens meer kalium en fosfaat aan de bodem te geven, maar heeft nadelen voor de structuur van de grond.

Bij het veertigjarig bestaan van Loverendale, in 1967, wordt er door vrienden en sympathisanten een actie gevoerd om een nieuwe veldschuur te kunnen bouwen. Een grote potstal wordt in 1972 in gebruik genomen, waardoor er ruimte komt voor meer koeien en meer mest.

Omdat het financieel beter gaat kan in 1973 grond worden bijgekocht en door een gunstige landruil wordt het bedrijf Ter Linde vergroot met 38 ha. Samen met Ter Mee vormt dit nu een gemengd bedrijf van 104 ha, een voor Nederlandse begrippen zeer groot BD-bedrijf.

De broodproductie in de Loverendale-bakkerij is in 1975 gestegen naar 832.000 broden per jaar, gedeeltelijk gebakken met aangekochte BD-tarwe en biologisch geteelde tarwe.

Eigen bakkerij

Eigen bakkerij

Heilpedagogisch instituut

In deze jaren zijn er intensieve contacten met een beginnende antroposofische groep in Middelburg. Met daadwerkelijke steun vanuit Loverendale wordt de Vrije School in deze Zeeuwse hoofdstad opgericht. Met het heilpedagogisch instituut Het Zonnehuis in Zeist ontstaat samenwerking als er voor enige gehandicapte jong-volwassenen vlak in de buurt woongelegenheid wordt opgezet om ze mee te laten werken op het bedrijf, de bakkerij en de kaasmakerij. De melk van Ter Linde wordt in de eigen kwark- en kaasmakerij verwerkt en dat biedt een zinvolle levensinvulling aan de zorgbehoeftige medemensen.

Eigen maalderij

Eigen maalderij

Groei en bloei

In 1976 wordt Matthias Guépin opgevolgd door Dick Schäfer en zijn vrouw Bibi. De grootste financiële problemen zijn overwonnen, mede dankzij de steeds goed draaiende bakkerij. Schäfer trekt verschillende nieuwe medewerkers aan naarmate de ouderen met pensioen gaan. Gemotiveerde en kundige oud-leerlingen van de middelbare land- en tuinbouwschool Warmonderhof komen in dienst en krijgen eigen verantwoordelijkheden. De sociale samenhang op het bedrijf groeit en dat komt onder meer tot uitdrukking in het vieren van feesten en de opvoering van het Kerstspel. In latere jaren zal ook op andere BD-bedrijven in Nederland de gewoonte ontstaan om mee te leven met de seizoenen door het vieren van jaarfeesten. Vaak is dat ook verbonden met het maken en opgraven van de preparaten. Het leiden van zo’n veelzijdig bedrijf en de voortdurende economische druk, die door rationalisering en mechanisering moeten worden opgevangen, is geen eenvoudige opgave. De wisseling van directeuren, die ieder ongeveer 10 – 12 jaar deze functie vervullen, is niet gunstig voor een landbouwbedrijf. Kostbare ervaring, opgedaan in deze omstandigheden en op deze grond, gaat verloren.

Mede vanuit het inzicht dat ervaring vastgelegd moet worden geeft Dick Schäfer in 1986 een Loverendale-boekje uit met de zestigjarige geschiedenis van een pionier in de biologisch-dynamische landbouw. Hierin zijn veel gegevens over bemesting, veebezetting, mineralenbalans en dergelijke verwerkt.

De Pannehoeve

Dit bedrijf in Dinteloord is al jaren een zorgenkind. De bedrijfsleider Kooistra is in 1969 opgevolgd door zijn zoon, maar het bedrijf blijft nogal geïsoleerd werken en de inzet voor de biologisch-dynamische landbouw is onvoldoende. Wegens werk- en kostenbesparing wordt het melkvee afgeschaft om plaats te maken voor mestvee. De financiële resultaten hiervan zijn echter onbevredigend. Teruggaan naar melkvee gaat niet meer vanwege het nieuwe melkquoteringssysteem. Ook is er in de loop der jaren op de zware grond een onkruidprobleem ontstaan.

Tenslotte wordt de Pannehoeve verkocht en een beter bedrijf aangekocht, met meer toekomstmogelijkheden om hier jonge BD-ers een nieuwe start te geven. Dit wordt het 140 ha bedrijf De Steenen Muur in Werkendam, met melkquotum. De eerste ontwikkeling als biologisch-dynamisch bedrijf lijkt veelbelovend.

Problemen

Om gezondheidsredenen legt Dick Schäfer in 1988 zijn functie van directeur neer. Er ontstaan conflicten op het sociale vlak over de samenwerking, zeggenschap en structuur van het gehele bedrijf. Het zoeken naar een nieuwe vorm van onderlinge verantwoordelijkheden en besluitvorming vraagt om een nieuwe aanpak, die helaas niet wordt gevonden. Een probleem is ook de teruglopende broodverkoop doordat er meerdere biologisch-dynamische en biologische bakkerijen ontstaan, die dichter in de buurt van de consumenten liggen.

Er wordt een nieuwe directeur benoemd, Hans Dubbelaar, terwijl Schäfer als adviseur in dienst blijft. De onduidelijkheid en onenigheid onder de medewerkers wordt er echter niet minder om en de financiële situatie vraagt om ingrijpende maatregelen om de tegenvallende verkoop van bakkerijproducten te compenseren en de aangegane verplichtingen voor de koop van het nieuwe bedrijf te kunnen nakomen.

Bijna failliet

De nieuwe directeur, meer handelsman dan boer, zoekt samen met de commissarissen naar nieuwe afzetmogelijkheden van de eigen verwerkte producten. Dit vraagt om flinke investeringen, maar door te grote voortvarendheid en onzorgvuldige boekhouding gaan overzicht en inzicht in de eigen financiën verloren. De BV Loverendale blijkt in 1991 bijna failliet.

Eigen vervoer

Eigen vervoer

Nieuwe vorm

Het nieuwe bedrijf De Steenen Muur wordt verkocht aan derden. De eigen landbouwgrond van Ter Linde wordt verkocht aan het beleggingsfonds voor biologische landbouwgrond Biogrond en voortaan gepacht in erfpacht.

Zo wordt uit deze drastische verandering een nieuwe samenwerkingsvorm voor het bedrijf Ter Linde CV geboren: enerzijds de inbreng van erf en gebouwen, die nog in bezit zijn van Loverendale BV en anderzijds de maatschap van bedrijfsmedewerkers, die in onderling overleg het bedrijf voeren. Twaalf ha land is verkocht aan BD-fruitkweker Piet Korstanje, die zich met zijn bedrijf graag wil associëren met een gemengd landbouwbedrijf. De Boomgaard Ter Linde is een apart bedrijf, dat nauwe contacten onderhoudt met de Boerderij Ter Linde.

De laatste bestaat thans uit 85 ha land, 60 melkkoeien, een kaasmakerij en een tuinderij met een systeem van groente-abonnementen en een nieuw gebouwde, grotere potstal.

Loverendale-merk

De naam Loverendale is als merk in gebruik voor verschillende producten uit de biologisch-dynamische landbouw en wordt in licentie gevoerd door verscheidene verwerkers. Het merk is eigendom van Loverendale BV met de doelstelling dat uit de binnenkomende licentiegelden BD-bedrijven kunnen worden gesteund bijvoorbeeld bij een aankoop of verbouwing.

Bron

Bovenstaand stukje over de geschiedenis van Loverendale is verschenen in het boekje “VOOR DE AARDE” geschreven door Willy Schilthuis, pionier in de BD-beweging en tevens tientallen jaren bestuurslid van Stichting Loverendale. Als basis hiervoor heeft zij het boekje 60 jaar Loverendale genomen.